'k Heb gehoord van een land

Heb gehoord van een land, aan een ver verwijderd strand
Waar geen moeite meer zijn zal of strijd
Waar nog ziekte noch pijn, zelfs geen tranen zullen zijn
waar de eeuwige jeugd ons verblijdt
Hoe zal 't zijn aan dat strand van dat heerlijke land
Als ik de engelen en zaalgen ontmoet, en bij 't eeuwige licht in de stad door God gesticht, ook Hem zie die mij kocht met Zijn bloed


Waar de levensbron vloeit en de boom des Levens groeit, al wat edel is en schoon is gedijdt
Waar geen wanklank meer klinkt alles God te ere zingt
Waar de eeuwige jeugd ons verblijdt,
Hoe zal 't zijn aan dat strand van dat heerlijke land
Als ik de engelen en zaalgen ontmoet, en bij 't eeuwige licht in de stad door God gesticht, ook Hem zie die mij kocht met Zijn bloed

In dat land is een huis waar de Heer als vrucht van bruist, voor de zijnen een plaats heeft bereid
'k Hou mijn ogen gericht naar dat land van vreugde en licht
Waar de eeuwige jeugd mij verblijdt
Hoe zal 't zijn aan dat strand van dat heerlijke land
Als ik de engelen en zaalgen ontmoet, en bij 't eeuwige licht in de stad door God gesticht, ook Hem zie die mij kocht met Zijn bloed.